BROEDERLIJK DELEN IN BOLIVIA
|
|
|
Deze week laten we graag een kroongetuige voor Broederlijk Delen aan het woord. Kathy Bernaerts woont samen met haar partner Bjorn Caljon in Branst. Maar vier jaar geleden werkte zij als vrijwiligster acht maanden lang in Bolivia voor ECAM, één van de organisaties die Broederlijk Delen daar steunt. We graven met haar in warme herinneringen en diepe indrukken. En een belangrijke vraag daarbij is: Verdient Samuël de Nobelprijs voor duurzame ontwikkeling? |
| Kathy, heb jij ook op de Altiplano gewoond en wat moeten we ons daarbij voorstellen? Zelf werkte ik in Tarija, in het Zuiden. Tarija ligt in een grote vallei met een voor ons leefbaarder klimaat, zelfs met wijngaarden. Maar ik heb de Altiplano wel bezocht. De Altiplano is een hoogvlakte midden de Andes. Waar Tarija groen is, is de Altiplano eerder dor, haast onherbergzaam. Je verdient al een prijs om daar te wonen. Want we zitten daar vierduizend meter boven de zeespiegel. 's Nachts is het er winter en zomer zeer koud. 's Avonds koelt het er vroeg af. Veel kan er niet verbouwd worden: vooral quinoa en aardappelen. Quinoa is graangewas dat klaargemaakt ergens het midden houdt tussen rijst en koeskoes. Aardappelen kent elke Belg daar we de grootste frieteters zijn, maar dat er zoveel variëteiten zijn wist ik niet. In alle vormen, kleuren en smaken worden zij geteeld. In deze streken wonen vooral Aymara en Quechua, inheemse volkeren, afstammelingen van de Maya's. Zij hebben het geleerd om in deze hoogtes te leven en vaak ook te overleven? Heb jij dan ook gemerkt dat klimaatsverandering de grote boosdoener is? Als je maar acht maanden daar verblijft, is dat moeilijk te zeggen. Je kunt niet vergelijken. Doch we hadden ter plekke regelmatig contacten met andere organisaties waarmee Broederlijk Delen als partner werkt. En dan voelde je toen al dat de mensen deze factor in het oog kregen. Een grotere boosdoener die voortdurend in het vizier kwam, was echter de milieuvervuiling door de mijnbouw. Het is ongehoord op welke wijze die een omvang heeft. Organisaties zoals CEPA, een andere partner van BD, die door de Belg Gilberto Pauwels getrokken wordt, en CATAPA, een vrijwilligersorganisatie die over deze problematiek heel veel onderzoek uitvoerde, hebben grote verdiensten. Zij nemen het op voor gemeenschappen die soms op of rond de meest ongezonde sites wonen. Bij de mijnbouw vinden immers veel giftige producten en slib hun weg naar de rivieren, meren, en het grondwater. De gevolgen zijn catastrofaal. Deze organisaties doen aan sensibilisatie, wijzen mensen op hun rechten, tonen waar en hoe zij voor hun rechten kunnen opkomen en geven hen daartoe de middelen. Hierdoor staan zij sterker in hun schoenen. "Mensen sterker maken" lijkt wel een belangrijke doelstelling van heel veel ontwikkelingsorganisaties? Dat was ook een grote doelstelling in het vrijwilligerswerk dat ik deed. “Empowerement” heet dat in ons vakjargon. Ik mocht dat vooral doen voor en samen met vrouwengroepen. Ik was echt vaak geraakt door de betrokkenheid en geëngageerdheid van deze vrouwen. Meestal hadden zij een hele dagtaak erop zitten: het eigen huishouden, het werk op het veld, op de markt leuren met zelfgewonnen producten... En toch vonden zij de energie, de draagkracht of het doorzettingsvermogen hoe je het ook noemt- om zich te groeperen vanuit een diepe overtuiging “Ik wil bijleren!”. En vaak oversteeg dat gewoon het leren lezen en schrijven. Zij wilden weten hoe deze wereld in elkaar zit, wat zij als vrouwen te zeggen kunnen hebben in deze wereld, waarom zij moeten gaan stemmen… Dit heeft je écht geraakt?! Ja, ik doe mijn werk van elke dag vandaag nog altijd graag en dat vraagt van mij de nodige energie. Maar ik heb nog altijd iets van “Als die vrouwen dat kunnen opbrengen, wil ik dat ook na mijn dagtaak opbrengen, en ga ik mij verder engageren.” Als ik vandaag voorzitter ben van de Raad van Ontwikkelingssamenwerking in Bornem, dan is dat omwille van, dankzij deze vrouwen in Bolivia. Vandaag ben ik nog altijd met vorming bezig vanuit mijn werk (nvdr VormingPlus) , maar hiernaast probeer ik mij ook bij te scholen in voor mij onbekende terreinen, bijvoorbeeld nu fotografie. Ik wil eveneens nog bijleren. Heb je na vier jaar nog contacten met Bolivia? Zeer zeker. Regelmatig mail of sms ik nog naar Christina waarmee ik samenwerkte in ECAM. Binnenkort krijg ik één van de getuigen van Broederlijk Delen op bezoek die hier wil komen kijken hoe in Vlaanderen vormingswerk mensen sterker kan maken. En op 25 maart om 19.30 uur organiseer ik vanuit mijn werk samen met Broederlijk Delen een info-avond over de gevolgen van de mijnbouw in Bolivia, en vooral over het werk van CATAPA, in de Pelikaanzaal van het Pastoraal Centrum te Mechelen. En tot slot: Verdient Samuel deze Nobelprijs van de Duurzame ontwikkeling? Geen twijfel. Kijk maar naar de campagnefilm van Broederlijk Delen (te zien op de animatieavond op 17 maart om 20 uur in het gemeenschapshuis te Hingene zie verder). Zet uw handtekening maar op de petitie die je bij vieringen en manifestaties vindt. Maar eigenlijk verdient Broederlijk Delen die prijs ook wat met de wijze waarop zij werken. Zij luisteren naar de mensen ter plekke. Het komt van hen zelf. Ze zien wat zij echt nodig hebben. Ze kijken samen hoe ze daaraan kunnen werken en hoe dit niet alleen een tijdelijk effect heeft, maar ook doorwerkt in het verdere leven van mensen en vruchten opbrengt. Dat is duurzaamheid. pm Volgende week houden wij het eerste collecteweekend van Broederlijk Delen in deze Vastencampagne. Met uw bijdragen steunen wij ondermeer de organisaties waarvan sprake in dit artikel, en natuurlijk ook Equipo Kallpa, de organisatie waarmee Samuel een irrigatiesysteem in zijn streek aanlegde. Wij doen dat omdat het Zuiden plannen heeft. |